Domme vraag, maar hoe kom je terug als je nooit weg bent geweest? Een journalist vroeg Alexander Zverev voor de Rolex Paris Masters of de generatie van Daniil Medvedev en Stefanos Tsitsipas eindelijk weer op de voorgrond kwam. Zverev antwoordde: „Ik denk dat Daniil nooit weg is geweest.”
Dus ben ik gaan zoeken. Waar zat hij dan? Volgens Zverev had hij vorig jaar een iets mindere cijfer, afgesloten als „wat, 9e of 10e van de wereld?”. Hij zei het uit het hoofd. In de trein van 7.32 uur heb ik dat aan mijn buurvrouw uitgelegd. Ze vroeg me hoeveel spelers er in totaal zijn. Veel. Negende of tiende dus. Iemand die negende is van zoveel spelers, die is er toch. Die staat zelfs vrij vooraan.
En nu zit Medvedev weer in de top 5, en Zverev denkt dat hij daar blijft. Ik merk op dat het woord „weer” wordt gebruikt voor iemand die niet weg was. Ik heb het nagekeken, en eigenlijk weet niemand het.
Zverev zei ook: „Ik denk dat we voorzichtig moeten zijn als we zeggen dat spelers achteruit zijn gegaan of aan kracht inboeten, of zoiets, want ik denk dat we zijn vergeten hoe uitstekend Daniil echt is als tennisser en welke resultaten hij kan behalen.” Hij heeft respect voor hem en ziet hem de komende vier of vijf jaar nog grote dingen doen.
Over Tsitsipas vindt hij dat die iets meer problemen heeft gehad, maar dat hij uitstekend tennis kan spelen. Ik heb de redactie gevraagd of hij dan wel weg was.
Weggegaan, teruggekomen, het is dezelfde beweging vanaf twee kanten van het net, hè.
Ik heb dat in mijn notitieboekje geschreven, ik begrijp het nog niet. Kortom, ik heb nog veel te leren.
Het klopt, we hebben het nagekeken: We Love Tennis.






