De heer Fritz won met 6-3, 6-4 van Arthur Fils, in de achtste finales, in Parijs. Zijn eerste twee wedstrijden had hij op court 1 en court 2 gespeeld. Daarna ontdekte hij de centercourt.
Hij zei: „De centercourt is veel sneller. Op een andere baan was het anders geweest.” De heer Fils zei van zijn kant: „We zijn het niet meer zo gewend om op zulke hardcourts te spelen.” Die twee zijn het eens. Dat is zeldzaam, na een wedstrijd.
Ik bekritiseer niet. Ik vergelijk. In Couvin had de keuken tegels en de living parket, in hetzelfde huis. Dat wist iedereen. Bezoekers kregen aan de deur een verwittiging, met pantoffels erbij. Niemand ontdekte de tegels op het moment dat de koffie werd opgediend.
Hier is de centercourt veel sneller dan de andere banen, en dat ontdekt men in de achtste finales. De heer Fritz schreef „Still Alive” op de camera. Mooi zo, hij blijft in de running voor Turijn. De heer Fils is er al, voor zijn eerste Masters, van 15 tot 22 november.
Terrein 4 van mijn club, precies zo. Alleen hebben wij geen 1 of 2 om mee te vergelijken.
Wie de vloeren legt, kende de pantoffels vast wel.
Het klopt, we hebben het nagekeken: Tennis Actu.






