Domme vraag, maar ik wist niet dat je een toernooi kon spelen vóór het toernooi.
Kimmer Coppejans, 32 jaar, 232e van de wereld, heeft zich gekwalificeerd voor de hoofdtabel van de Masters 1000 van Shanghai. Om daar te geraken versloeg hij maandag eerst de Amerikaan Nishesh Basavareddy, nummer 139, en dinsdag de Australiër Dane Sweeny, nummer 112 en twaalfde reekshoofd van de kwalificaties, met 6-3, 6-2 in 1u26. Twee gewonnen wedstrijden. En voor hem is het toernooi nog niet begonnen. Het begint nu.
Ik las dat in de trein van 7u32 en moest het herlezen. Er zijn dus reekshoofden in de kwalificaties. Een reekshoofd om het recht te hebben om te proberen het recht te krijgen. Ik heb drie mensen op de redactie gevraagd of de gekwalificeerden ook kwalificaties hebben voor de kwalificaties. Twee zeiden nee, één zei „dat hangt ervan af”. Ik heb het nagekeken, en eigenlijk weet niemand het.
Wat me het meest opviel: maandag was zijn zege tegen Basavareddy zijn eerste ooit in een Masters 1000. Maar dat was nog niet de Masters 1000, als ik het goed begrepen heb. Toch wel. Eigenlijk was het de Masters 1000, maar niet de hoofdtabel. Ik noteer in mijn schriftje: een toernooi heeft een tabel, en rond de tabel is er nog toernooi.
Nu voegt hij zich bij twee andere Belgen, Alexander Blockx, 28e van de wereld en 27e reekshoofd, en Zizou Bergs, 39e, die het opneemt tegen de Tsjech Vit Kopriva. Blockx is vrijgesteld van de eerste ronde. Vrijgesteld. Een speler vecht twee dagen om binnen te raken, een ander mag de eerste wedstrijd overslaan. Men zegt me dat het traditie is, oké, maar wat dan nog?
Een eerste hoofdtabel op 32 jaar, dat is heel goed. Mijn seizoen begint pas echt in mei.
Blockx wacht in de tweede ronde op de Fransman Quentin Halys of een gekwalificeerde. Misschien iemand die twee wedstrijden meer gespeeld heeft dan hij. Kortom, ik heb nog veel te leren.
Het klopt, we hebben het nagekeken: 7sur7.







