Het is heel simpel. Alex Michelsen heeft vrijdagavond in Antwerpen verloren van Arthur Fils, 6-4, 7-6, met een tiebreak van 14/12 in de tweede set. Veertien punten tegen twaalf. Ik had het in januari al gezegd. Niet de exacte score, hè, maar de geest: dat die jongen ooit in een eindeloze tiebreak tegen een Fransman zou eindigen. Ga het maar na. Enfin, niet letterlijk nagaan.
De rest van de week heb ik gelezen in de DH, aan mijn bureau in Ukkel. Michelsen, 22 jaar, kwartfinalist op de US Open deze zomer, heeft gelogeerd bij zijn trainer, Kristof Vliegen, op tien minuten van het stadion. Ze werken al een jaar samen. Hij heeft getraind in zijn club. Hij heeft David Goffin verslagen, die donderdag met pensioen is gegaan. En hij heeft Brussel bezocht. Hij zei, ik citeer: „Ik ben de fontein gaan bekijken met het jongetje dat plast”. Hij denkt vrijdagavond of zaterdag een wafel te eten.
Zie je. Ik, in Kitzbühel, in ’92, logeerde ook bij iemand. Een hotelier, of zijn zwager, de versies verschillen. En ik had een heel lange tiebreak verloren tegen een toekomstige top 10-speler. In negentig procent van de gevallen, en ik ben nog vriendelijk, verliest wie bij een gastgezin slaapt de tiebreak boven twaalf. Het is exact wat ik al jaren zeg, men luistert niet naar mij.
Let op, ik zeg niet het tegenovergestelde van wat ik gezegd heb. Ik verduidelijk. Had hij die tiebreak gewonnen, dan had ik uitgelegd dat het comfort van het huis Vliegen hem rust had gegeven. Hij heeft hem verloren, het bewijs dat hij te goed zat. Beide waren voorzien. Dat is consultant zijn.
Michelsen zei over Vliegen: „Het is een uitstekende trainer.” Prima, maar mij heeft niemand een kamer aangeboden, terwijl ik de Léopold van binnen en van buiten ken.
Jean-Pol, heb jij in Kitzbühel een tiebreak gespeeld, of vanop het terras zitten kijken?
Ik antwoord niet op terrasvragen. Fils wint met 14/12, Michelsen gaat zijn wafel eten, en ik wacht nog altijd op de telefoon van Sporza. Akkoord?
Het klopt, we hebben het nagekeken: DH Les Sports+.






