Blog

  • Schotelantenne: heb je een vergunning nodig?

    Wil je investeren in een schotelantenne zodat je tv-programma’s kan kijken uit een specifieke geografische zone? Let dan op, want dit soort antennes mogen niet eender waar en eender hoe geplaatst worden!

    Om te voorkomen dat het straatbeeld in grote steden bezaaid zou worden met antennes, heeft de overheid een reeks stedenbouwkundige regels ingevoerd. Over het algemeen is het in alle gewesten verboden om een schotelantenne op de gevel (zichtbaar vanaf de straat) te plaatsen en moet er daarbij op gelet worden dat ze zo weinig mogelijk afbreuk doet aan de esthetiek van het gebouw. Hou er ook rekening mee dat gemeentes strengere regels kunnen uitvaardigen, onder andere via de stedenbouwkundige voorschriften, en specifieke eisen kan stellen aan de plaatsing van dergelijke antennes. Om de juiste details voor jouw gemeente te kennen, kan je het beste contact opnemen met de dienst stedenbouw.

    Heb je een vergunning nodig?

    In de meeste Belgische steden is een bouwvergunning nodig in de volgende gevallen:

    • als de antenne zichtbaar is vanuit de openbare ruimte,
    • als de antenne op minder dan 10 meter van een geklasseerd pand staat,
    • als de plaatsing van de antenne in strijd is met een stedenbouwkundige verordening, een bijzonder bestemmingsplan of een verkavelingsvergunning.

    Een vrijstelling van de vergunningsplicht is echter in bepaalde gevallen mogelijk voor de plaatsing van schotelantennes bestemd voor de ontvangst van televisie-uitzendingen en voor privégebruik, als ze dezelfde kleur hebben als het dak of de gevel of transparant zijn, of een oppervlakte hebben van maximaal 40 dm².

    Weet dat het plaatsen van een schotelantenne zonder vergunning (wanneer die wel nodig is) een stedenbouwkundige overtreding is. De gemeente heeft het recht een proces-verbaal op te maken, wat kan leiden tot strafrechtelijke sancties of administratieve boetes.

  • Zout, azijn en bleekwater zijn verboden om onkruid te verdelgen: waarom en wat zijn de alternatieven?

    Sinds het verbod op glyfosfaat wordt op verschillende blogs uitgelegd hoe je op een ‘natuurlijke’ manier van onkruid af geraakt met zout, azijn of zelfs bleekwater. Maar deze methodes worden niet enkel sterk afgeraden, je begaat misschien zelfs een overtreding!

    Onkruid bestrijden is een belangrijke taak in het onderhoud van je tuin, maar gebruik niet zomaar eender wat om dat te doen! Zout, azijn of bleekwater worden in het hele land sterk afgeraden en in Wallonië zelfs verboden, omdat ze niet geregistreerd zijn als onkruidverdelger! Waarom? Wat zijn de risico’s voor het milieu? En welke ecologische alternatieven kan je dan wel gebruiken?

    Waarom zijn zout, azijn en bleekwater verboden voor onkruidbestrijding?

    Deze producten zijn zeer schadelijk voor het milieu en kunnen de bodem en het grondwater verontreinigen. Zout kan de grond onvruchtbaar maken en de toekomstige groei van planten verhinderen. Azijn verzuurt de grond en kan de groei van sommige planten aantasten. Bleekwater is zeer giftig voor planten en kan onomkeerbare schade toebrengen aan het ecosysteem.

    Wat zijn de ecologische alternatieven om onkruid te verdelgen?

    Er bestaan heel wat milieuvriendelijke alternatieven voor onkruidverdelging in je tuin. Regelmatig schoffelen is een eenvoudige en effectieve methode om van onkruid af te geraken. Daarbij gebruik je gereedschap (schoffel, wiedmachine enz.) om ongewenste planten uit te trekken. Deze methode zorgt er ook voor dat de grond belucht wordt en bevordert de plantengroei.

    Kokend water of een brander zijn ook opties, hoewel die niet altijd even effectief zijn. In elk geval zijn deze oplossingen minder schadelijk voor het milieu en kan je er onkruid mee verdelgen zonder onomkeerbare schade te veroorzaken. Pas echter op voor brandgevaar als je een brander gebruikt!

    Ook een hogedrukreiniger is doeltreffend om je terras te ontdoen van alle onkruid door het uit de voegen ‘weg te blazen’.

    Ten slotte is er nog de ‘solarisatietechniek‘, die bestaat uit het afdekken van de grond met een doorzichtig dekzeil gedurende enkele weken op een vochtige ondergrond om ongewenste planten met behulp van de warmte te doden. Deze methode is effectief voor het onkruidvrij maken van grote oppervlakken, maar vergt tijd en energie. Pas ook op dat je geen gewenste planten doodt, zoals wilde aardbeien of klaprozen!

  • Aan de slag met dakplaten

    Een nieuw dak? Dan kun je aan de slag met dakpannen. Deze pannen zijn er in verschillende formaten en beschermen goed tegen weer en wind. Meer en meer mensen opteren voor dakplaten in plaats van een regulier dak. Logisch, want dakplaten kunnen makkelijk geplaatst worden en zijn betaalbaar.

    Michael Jasmund

    Waar zit de meerwaarde van dakplaten?

    Dakplaten kunnen snel geplaatst worden, bieden bescherming en je geniet van een water- en winddicht dak. Wil je nog een stapje verder gaan? Opteer dan voor geïsoleerde dakplaten, zo bespaar je ook nog eens op je energiefactuur. Weet dat dakplaten zeker niet minderwaardig zijn qua kwaliteit. In het beste geval gaat een dakpan 50 jaar mee.

    Verschillende soorten dakplaten beschikbaar

    Er zijn in grote lijnen, 3 verschillende soorten dakplaten:

    • Enkelwandige dakplaten die geschikt zijn voor ruimtes als garages, stallen en meer.
    • Geïsoleerde dakplaten zijn geschikt voor huizen, loodsen, bergingen en tuinhuizen.
    • Anti-condens dakplaten zijn er voor carports.

    Weet dat er ook lichtdoorlatende dakplaten zijn, deze zijn gemaakt uit polycarbonaat. Deze platen laten natuurlijk licht door en kunnen voor zowel binnen- als buitentoepassingen gebruikt worden. Bovendien zijn deze platen ijzersterk en UV-bestendig.

    Makkelijk te monteren

    Dakplaten zijn heel makkelijk te leggen en vaak volstaan slechts enkele platen. In de breedte zorg je best voor een overlapping van één kanaal, terwijl je in de diepte best voor een overlap van minimaal twintig centimeter kunt opteren. Met bouten, schroeven en waterdichte kapjes kun je je dak makkelijk leggen en voorkom je dat er regenwater binnenkomt. Ben je niet echt handig, dan kun je het ook aan een externe professional overlaten.

  • Niet alle isolatiematerialen zijn ecologisch!

    Wanneer we een gebouw willen isoleren, zijn er verschillende ‘groene’ oplossingen waarvoor we kunnen kiezen. Denk maar aan hennep, kurk, katoen of zelfs schapenwol. Maar we kunnen ook genoegen nemen met synthetische materialen, die vaak een eerder droevige balans hebben op ecologisch vlak.

    Hennep, houtvezel, cellulosewatten, vlas, kurk, katoen of zelfs schapenwol – er is geen gebrek aan natuurlijke isolatiematerialen, die al enkele jaren in trek zijn. Deze materialen zijn milieuvriendelijk omdat ze relatief eenvoudig gemaakt kunnen worden, ervoor zorgen dat je een aanzienlijke energiebesparingen kan realiseren en tegelijkertijd je ecologische voetafdruk te beperken.

    Veel synthetische isolatiematerialen hebben daarentegen een aanzienlijke milieu-impact. Dat geldt onder andere voor geëxpandeerd polystyreen, dat zeer vervuilend is, en rotswol.

    De te vermijden materialen

    Eén van de slechtste leerlingen van de klas op dat vlak is geëxpandeerd polystyreen. Dit 100% synthetische isolatiemateriaal staat ver af van primaire grondstoffen die gebruikt worden om huizen te isoleren. Bij de samenstelling ervan worden veel chemicaliën gebruikt, terwijl de productie van het materiaal leidt tot een aanzienlijke productie van broeikasgassen. Geschat wordt dat voor de productie van één vierkante meter geëxpandeerd polystyreen gemiddeld bijna 17 kg CO2 vrijkomt! Maar dat is nog niet alles. Er moet immers ook rekening worden gehouden met de soms giftige uitstoot van dit soort materiaal. Dat geldt onder andere voor oud polystyreen, dat tientallen jaren geleden in onze huizen is geïnstalleerd. Ten slotte kan ook de verbranding van geëxpandeerd polystyreen bij brand een ravage aanrichten, omdat daarbij zeer giftige dampen vrijkomen.
    Een andere boosdoener: rots- en glaswol. Hoe efficiënt het ook isoleert, het wordt geproduceerd door middel van een zwaar industrieel proces dat veel energie verbruikt en waarbij vervuilende chemicaliën gebruikt worden, terwijl er grote hoeveelheden broeikasgassen vrijkomen.Anderzijds is het goed om te weten dat, in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, steen- en glaswol perfect recycleerbaar zijn. Aarzel dus niet om het naar een containerpark of afvalverwerkingsplaats te brengen, waar dit soort materiaal verzameld en opnieuw gebruikt wordt!
    Tot slot kunnen we ook polyurethaan noemen, dat vaak ten onrechte wordt verward met polystyreen. Hoewel de eigenschappen van deze twee soorten isolatie verschillen, worden ze beide geproduceerd door middel van een proces waarbij chemicaliën gebruikt worden. En ook de verbranding van polyurethaan kan een zeer sterke invloed hebben op het milieu, met zeer giftige dampen.

    Waarom blijven we deze vervuilende materialen gebruiken?

    Gezien de povere ecologische balans van deze industriële isolatiematerialen vragen veel mensen zich af waarom ze nog steeds te koop zijn. De verklaring is eenvoudig: elk van deze materialen heeft uitzonderlijke eigenschappen die niet geëvenaard worden door hun natuurlijke rivalen. Polystyreen heeft bijvoorbeeld vaak de voorkeur als dunne en efficiënte isolatie nodig is. Minerale wol wordt daarentegen gekozen om een ruimte te isoleren die aan grote hitte wordt blootgesteld. Dat geldt onder andere voor schoorsteenkanalen.

    Tenslotte kunnen deze vaak bekritiseerde materialen na verloop van tijd toch veel energie besparen. Het milieueffect van hun productie moet dus worden afgewogen tegen de energiebesparing die ze opleveren.

  • Regenwaterput: onze tips om de juiste keuze te maken

    In een land als België is een regenwaterput plaatsen een efficiënte manier om het bedrag op je waterfactuur te verlagen, en dat dankzij de gulheid van Moeder Natuur. Maar dan moet je er wel voor zorgen dat je regenwaterput water levert van goede kwaliteit!

    rain barrel

    Welke grootte?

    Een regenwatertank voor huishoudelijk gebruik mag niet te groot en niet te klein zijn. Waarom? Omdat in een te grote tank het water zal stagneren (met gevaar voor slibvorming en slechte geuren), terwijl je regenwaterreserve ontoereikend zal zijn in een te kleine tank, waardoor je meer leidingwater zal moeten gebruiken. Het is daarom belangrijk om een goed evenwicht te vinden tussen een tank die zo min mogelijk droog zal staan en een tank die regelmatig zijn maximum bereikt. Om het ideale volume te kennen, moet je rekening houden met deze factoren: het aantal mensen dat water gebruikt, waarvoor je het regenwater precies wil gaan gebruiken, de grootte van je dak en tenslotte de periode van het jaar waarin je je regenwaterreservoir het meest gaat gebruiken.

    Denk ook aan de filtering

    De plaatsing en montage van een regenwaterput is relatief eenvoudig. De makkelijkste manier is om hem bij een regenpijp te plaatsen. We kunnen alleen het gebruik van een dakgootcollector aanbevelen, die rechtstreeks in de dakgoot wordt geplaatst. Sommige zijn uitgerust met een filter om te voorkomen dat vuil, bladeren, takjes en insecten in het reservoir terechtkomen. Dit houdt het water proper en helder, en voorkomt de vorming van slib, dat de waterkwaliteit kan aantasten. Als de collector geen filter heeft, overweeg dan screens op je goten te plaatsen, die hetzelfde effect hebben. Overweeg ook om een overloopbeveiliging te installeren, zodat het water kan worden afgevoerd naar de riolering als het reservoir dreigt over te lopen.

    Binnen of buiten?

    Er bestaan tientallen soorten regenwatertanks met een capaciteit tot 10.000 liter voor de grootste. De meeste tanks zijn ontworpen om buiten, bovengronds te worden geplaatst. Niets belet je echter om je tank binnen in huis te plaatsen, in de garage of in de kelder. Andere tanks, die meestal groter en volumineuzer zijn, kunnen ondergronds geplaatst worden. Zorg er in elk geval voor dat je je tank op een vlakke en stabiele ondergrond plaatst en uit de buurt van begroeiing om te voorkomen dat er bladeren in de tank vallen.

    Onderhoud vereist!

    Veel mensen zijn zich er niet van bewust dat een regenwaterput een minimum aan onderhoud nodig heeft. Om zijn levensduur te verlengen en een goede waterkwaliteit te garanderen, is het aangeraden om hem in de winter te legen om te voorkomen dat het water binnenin bevriest, waardoor hij beschadigd zou kunnen geraken. Maak zo mogelijk van de gelegenheid gebruik om de elementen van de tank eens per jaar te demonteren en schoon te maken. Dat is ongeveer het enige onderhoud dat je moet doen, maar het moet wel gebeuren!

  • Zo bereken je het vermogen dat een stopcontact aankan

    Heb je je al eens afgevraagd welk vermogen een stopcontact aankan? Het is een vraag die we ons al eens stellen wanneer we een energieverslindend toestel inpluggen, zoals een elektrisch verwarmingstoestel, een friteuse of een fonduetoestel.

    Sven Brandsma

    Zoals je je wel kan inbeelden, is het ene stopcontact niet het andere niet. Hoewel een standaard elektrische installatie ontworpen is om de meest voorkomende huishoudelijke apparaten van stroom te voorzien, kunnen sommige stopcontacten in huis een hogere stroomvraag aan dan andere.

    Hoe bereken je het vermogen van een stopcontact?

    Over het algemeen spreekt men van het ‘maximale vermogen van een stopcontact’. In werkelijkheid, en om correct te zijn, moeten we eerder spreken van de elektrische intensiteit van een stopcontact. Dit is de hoeveelheid elektriciteit die door het stopcontact kan stromen. In België zou je, als je huishoudelijke installatie aan de normen voldoet, in principe twee soorten stopcontacten moeten hebben: 16 ampère (16 A) en 32 ampère (32 A), beschermd door de juiste stroomonderbrekers.

    De intensiteit van een stopcontact hangt samen met het vermogen dat het aankan. Zowel 16A als 32A stopcontacten zijn ontworpen om een bepaald aantal watt aan te kunnen. Maar hoeveel? Om dat te weten te komen, vermenigvuldig je de stroom uitgedrukt in ampère met de netspanning (die in België 230 V bedraagt).

    Concreet kan een stopcontact van 16 A dus een vermogen aan van 3.680 W (want 16 A x 230 V = 3.680) en een stopcontact van 32 A een vermogen van 7.360 W (32 A x 230 V = 7.360). In de praktijk wil dat zeggen dat je op een 16 A stopcontact elektrische apparaten kan aansluiten met een gezamenlijk vermogen van maximaal 3.680 W en op een 32 A stopcontact maximaal 7.360 W. Ter herinnering: vermijd zoveel mogelijk het gebruik van meerdere stekkerdozen en sluit er nooit meerdere op elkaar aan!

  • Je kelder inrichten: de 4 niet te verwaarlozen aandachtspunten

    Koester je de droom om de kelder van je huis in te richten en er een leefruimte van te maken? Goed idee! Maar toch zijn er een aantal voorzorgsmaatregelen en onderzoeken nodig voor je van start gaat met de werken.

    basement living room

    Over het algemeen is de kelder de vergeten ruimte van het huis. Koud, donker en vaak vochtig… we hebben de gewoonte om er spullen in op te slaan die we niet meer gebruiken. En toch is het mits enkele werken mogelijk om een kleder in te richten. Afhankelijk van een aantal criteria kan je er zelfs een echt woonruimte van maken.

    De staat opmaken

    Het is de essentiële stap die je niet mag overslaan voordat je besluit om je kelder in te richten. Waarom? Omdat een kelder vaak een vochtige, donkere en slecht geventileerde ruimte is. Daarom is het belangrijk om ervoor te zorgen dat de ruimte perfect gezond wordt gemaakt. Grijp deze stap aan om ervoor te zorgen dat er geen waterinsijpeling of schimmel in de ruimte is en dat er geen parasieten  te vinden zijn. In beide gevallen moet de ruimte worden schoongemaakt.
    Als dit gedaan is, zijn er heel wat mogelijkheden, afhankelijk van je behoeften en wensen. Zo kan de kelder omgebouwd worden tot speelkamer, slaapkamer, wasruimte of badkamer. Je kan er natuurlijk ook een wijnkelder van maken.

    De uitrusting die je moet voorzien

    Een kelder krijgt over het algemeen weinig of geen natuurlijk licht en weinig of geen ventilatie, dus daar zal je werk van moeten maken. Waar mogelijk maak je daarom ramen of in ieder geval openingen. Als er al vensterputten aanwezig zijn, kunnen die vaak worden vergroot. Om voor nog meer licht te zorgen, kunnen sommige wanden ook worden voorzien van glasdallen of zelfs op maat gemaakte raampartijen. Wat de ventilatie betreft tenslotte, is het aan te raden om te kiezen voor een gestuurd mechanisch ventilatiesysteem.

    Isoleer!

    Het is ook van cruciaal belang dat deze kamer perfect geïsoleerd is, zodat het er comfortabel toeven is en niet de energieverspiller van het huis wordt. Dit geldt zowel voor de thermische als de akoestische aspecten. Hiervoor kunnen werkzaamheden aan de vloer nodig zijn, bijvoorbeeld met een betonnen dekvloer, maar ook aan de wanden van de ruimte, die bekleed kunnen worden met natuurlijke isolatiematerialen zoals minerale wol of geëxpandeerde kurk.

    En toen was er licht!

    Tenslotte volgt de laatste belangrijke stap: elektriciteit. Voordat je van deze nieuwe woonruimte kan genieten, mag je de elektriciteit en de verwarming niet uit het oog verliezen. Dit vereist vaak de tussenkomst van een vakman en het naleven van de geldende veiligheidsnormen. Tenzij je kiest voor een inrichting in industriële stijl, kan je de elektriciteitskabels en sanitair elementen verbergen achter een wandbekleding. Het enige wat je nog moet doen is een vloerbedekking kiezen, waarbij er heel wat keuze is. Tegels, parket, tapijt of zelfs natuursteen, alles is mogelijk! In dit verband kunnen we je alleen maar aanraden om te gaan voor lichte tinten om de ruimte helderder te helpen maken en tegelijk een indruk van grandeur te geven.

  • Neuro-architectuur: focus op deze nieuwe trend

    We hebben allemaal wel eens in een kamer of woning gezeten die ons een slecht gevoel gaf. Een te laag plafond, een te smalle gang, gebrek aan licht,… er zijn heel wat parameters die kunnen bijdragen aan dat slechte gevoel. Maar de neuro-architectuur wil een oplossing bieden.

    R Architecture

    De neuro-architectuur, die twee zeer verschillende disciplines (neurowetenschappen en architectuur) met elkaar combineert, is gebaseerd op de grotere kennis van de werking van de hersenen en heeft tot doel onze reacties te verklaren op alles wat te maken heeft met interieurontwerp en architectuur in het algemeen. Dankzij deze nieuwe discipline kunnen we tegenwoordig immers niet alleen begrijpen hoe, maar ook waarom we op een bepaalde manier op een omgeving reageren.

    In de praktijk is de neuro-architectuur geïnteresseerd in de manier waarop deze omgeving de hersenen beïnvloedt en dus ons gedrag wijzigt. Het doel is om ruimtes te creëren die een aangename en positieve sfeer uitstralen om zo te zorgen voor een gevoel van welzijn en tegelijkertijd de levenskwaliteit te verhogen. In het geval van een beroepsmatig gebruikte ruimte kan de productiviteit worden geoptimaliseerd.

    Niets ontsnapt eraan

    Neuro-architectuur zal er daarom naar streven om ruimtes en gebouwen te ontwerpen die rekening houden met de hersenfunctie van zij die erin wonen. Dit kan leiden tot een bijzonder breed spectrum aan keuzes, van waar de ramen ramen geplaatst worden tot de opstelling van meubilair, over kleuren, texturen en akoestiek van de ruimte.

    Uit verschillende studies blijkt dat de esthetische kwaliteiten van architectuur een significante invloed hebben op het gedrag, de stemming, de cognitieve verwerking en de geestelijke gezondheid van de bewoners, en dit terwijl de meeste volwassenen in het Westen bijna 90% van hun tijd in een afgesloten ruimte doorbrengen! Het is daarom niet verrassend dat steeds meer architecten en interieurontwerpers geïnteresseerd zijn in de praktische toepassingen van de principes van de neuro-architectuur in de ruimtes die ze ontwerpen. Dit herinnert sommige professionals er ook aan dat ze in de eerste plaats gezonde en mensvriendelijke leefruimtes moeten creëren, waarin we ons… gewoon goed voelen!

  • Hoeveel jaarlijks storten in het reservefonds?

    Op de algemene vergadering van mede-eigenaars in een appartementsgebouw zal vaak beslist worden hoeveel er het komende jaar in het reservefonds zal worden gestort. Van welk bedrag kan daarbij worden uitgegaan?

    Wettelijke verplichting

    Sinds 1 januari 2019 geldt de verplichting om een reservefonds in te richten in appartementsgebouwen waar de voorlopige oplevering van de gemene delen 5 jaar of meer voordien gebeurde. De algemene vergadering kan met een 4/5 meerderheid hiervan afwijken. In recentere gebouwen moet er geen reservefonds worden ingericht tenzij de algemene vergadering met een gewone meerderheid van stemmen beslist om toch een reservefonds aan te leggen.

    De algemene vergadering beslist

    De algemene vergadering kan jaarlijks beslissen hoeveel er in het reservefonds dient te worden gestort. Dat bedrag kan dan ook jaarlijks variëren. Het gaat dan om een globaal bedrag waarin elke mede-eigenaar zal moeten meebetalen in functie van het aandeel dat zijn kavel heeft in de gemene delen van het gebouw.

    Hoeveel storten?

    Bij het bepalen van het bedrag wordt best rekening gehouden met hoeveel er al in het reservefonds zit en met de werken die zich wellicht in de loop van de volgende jaren zullen opdringen. In de wet wordt een minimum voorzien. Meer bepaald mag de jaarlijkse bijdrage niet lager zijn dan vijf procent van het totaal van de gewone gemeenschappelijke lasten van het voorgaande boekjaar. De algemene vergadering van mede-eigenaars kan echter met een 4/5 meerderheid van de stemmen beslissen om van deze wettelijke minimumvereiste af te wijken.

    Jan ROODHOOFT, advocaat (www.advocatenroodhooft.be)

  • Nachtlawaai: wat zegt de wet in België?

    Wat zegt de Belgische wet over nachtelijk lawaai? Raadpleeg ons artikel voor alles wat je moet weten over jouw rechten en de regelgeving om geluidsoverlast tegen te gaan.

    tapage nocturne

    Overal in België, zowel op het platteland als in de stad, is het verboden om tussen 22.00 uur en 6.00 uur, met welke middelen of in welke vorm dan ook, lawaai of hinder te veroorzaken. Roepen en schreeuwen mag niet, geluiden veroorzaakt door motoren en machines evenmin, muziek of dierengeluiden zoals hondengeblaf: het is allemaal verboden.

    Strafbaar!

    Artikel 561 van het Belgisch Strafwetboek voorziet in een boete en/of gevangenisstraf voor “degenen die zich schuldig maken aan lawaai of nachtelijke geluiden die de rust van de inwoners kunnen verstoren”. Dit artikel heeft echter alleen betrekking op nachtelijk lawaai.

    In theorie gaat het om alle geluiden die “te luid” zijn. Om een strafbaar feit te kunnen plegen, moet er echter wel een moreel element aanwezig zijn. De dader moet met andere woorden de intentie hebben gehad of is nalatig geweest. Gaat het anderzijds om lawaai dat verband houdt met de normale uitoefening van een beroep en heeft de dader adequate maatregelen genomen om de nachtelijke rust van zijn buren niet te verstoren, dan mag dit morele element niet worden aangebracht.

    Daarnaast kunnen gemeentelijke verordeningen eveneens voorzien in administratieve sancties, maar voor dezelfde handeling kan slechts één en dezelfde sanctie worden opgelegd (d.w.z. een strafrechtelijke of een administratieve, maar niet allebei).

    Het bijzondere geval van versterkte muziek

    De verspreiding van muziek, zowel in gebouwen als in de open lucht, is ook onderhevig aan een specifiek kader wanneer deze elektronisch wordt versterkt. In openbare instellingen is het geluidsniveau, gemeten op elke plaats in de inrichting waar mensen aanwezig kunnen zijn, beperkt tot 90 dB. Er is geen equivalente meetnorm voor particuliere instellingen.

    Er bestaan ook beschermingsregels voor de omgeving van deze inrichtingen. De maximumdrempels zijn dus gedefinieerd op basis van het niveau van het achtergrondgeluid dat binnen een ruimte of een gebouw wordt gemeten, en met de deuren en ramen gesloten. Ze variëren tussen 5 en 35 dB. Ook hier wordt het niet naleven van deze normen bestraft met een boete of zelfs gevangenisstraf…

    Waar kan ik een klacht indienen?

    Voor nachtlawaai kan je altijd een klacht indienen bij de lokale politie van je gemeente of via het telefoonnummer 101.

    👉 In een mede-eigendom is de aanpak van geluidsoverlast ’s nachts niet uitsluitend een taak voor de politie: de syndicus speelt hierbij een belangrijke rol. Of het nu gaat om het herinneren aan de huisregels, het signaleren van herhaald storend gedrag of het optreden als bemiddelaar, een betrokken en bekwame syndicus maakt het verschil. Lees de volledige artikel over nachtlawaai in België en ontdek welke oplossingen er bestaan binnen een mede-eigendom op syndicuskiezen.be.